Langzaam, zei ze
We hadden het er een week over gehad, nuchter, bijna zakelijk. Die avond zette ze het glijmiddel zelf op het nachtkastje. 'Langzaam,' zei ze, en kuste me alsof ze het meende.
Eerst mijn vingers, lang, tot ze erom vroeg. Ze lag op haar buik, kussen onder haar heupen, gezicht opzij. Ik zag haar adem in haar rug. Toen ik de eikel ertegen zette, hield ze in. Ik ook.
De eerste centimeters waren het moeilijkst. Ze knikte, ik wachtte, zij ademde uit, ik verder. Warm, nauw, anders dan alles. Ik bewoog bijna niet tot haar schouder zakte en ze zei: 'Oké.'
Daarna wel, klein, diep, klein. Mijn hand tussen haar benen, omdat ze dat gevraagd had. Ze kwam zo, verrast, met mij nog in haar. Dat knijpen was te veel. Ik kwam vlak daarna, voorzichtig teruggetrokken, slordig op de handdoek die ze had neergelegd.
We douchten samen, zonder haast. In bed zei ze: 'Volgende keer weet ik beter hoe ik moet ademen.' Ik kuste haar haargrens. Dat 'volgende keer' was het mooiste wat ze die avond zei.
Eerst mijn vingers, lang, tot ze erom vroeg. Ze lag op haar buik, kussen onder haar heupen, gezicht opzij. Ik zag haar adem in haar rug. Toen ik de eikel ertegen zette, hield ze in. Ik ook.
De eerste centimeters waren het moeilijkst. Ze knikte, ik wachtte, zij ademde uit, ik verder. Warm, nauw, anders dan alles. Ik bewoog bijna niet tot haar schouder zakte en ze zei: 'Oké.'
Daarna wel, klein, diep, klein. Mijn hand tussen haar benen, omdat ze dat gevraagd had. Ze kwam zo, verrast, met mij nog in haar. Dat knijpen was te veel. Ik kwam vlak daarna, voorzichtig teruggetrokken, slordig op de handdoek die ze had neergelegd.
We douchten samen, zonder haast. In bed zei ze: 'Volgende keer weet ik beter hoe ik moet ademen.' Ik kuste haar haargrens. Dat 'volgende keer' was het mooiste wat ze die avond zei.
