Zenuwen en een rood gezicht
We hadden drie maanden alleen gekust en over de grens gepraat. Die avond in haar studentenhuis was de huisgenoot weg. De afwas stond, de verwarming te hoog. Mijn gezicht was al rood voor er iets gebeurde.
Ze trok mijn hoodie uit en lachte naar mijn T-shirt met een band die zij niet kende. Toen naar mijn borst. Haar handen waren zekerder dan de mijne. Ik liet het gebeuren, blij dat iemand de leiding nam.
Op haar eenpersoonsbed paste net. Ze ging bovenop, leidde me naar binnen, langzaam, met een gezicht dat concentratie was en iets anders. Ik hield haar heupen vast alsof ik anders van de wereld zou vallen.
Het voelde nauwer, warmer, echter dan alles wat ik alleen had gedaan. Ik kwam bijna meteen, hield het in, faalde een minuut later. Ze kuste mijn voorhoofd. 'Dat telt,' zei ze. Daarna gebruikte ze mijn hand tot zij ook klaar was, mijn vingers glimmend, mijn oren nog roder.
Ik fietste naar huis in de regen en moest onderweg lachen, hardop, naar niemand. Mijn gezicht bleef rood tot ik sliep.
Ze trok mijn hoodie uit en lachte naar mijn T-shirt met een band die zij niet kende. Toen naar mijn borst. Haar handen waren zekerder dan de mijne. Ik liet het gebeuren, blij dat iemand de leiding nam.
Op haar eenpersoonsbed paste net. Ze ging bovenop, leidde me naar binnen, langzaam, met een gezicht dat concentratie was en iets anders. Ik hield haar heupen vast alsof ik anders van de wereld zou vallen.
Het voelde nauwer, warmer, echter dan alles wat ik alleen had gedaan. Ik kwam bijna meteen, hield het in, faalde een minuut later. Ze kuste mijn voorhoofd. 'Dat telt,' zei ze. Daarna gebruikte ze mijn hand tot zij ook klaar was, mijn vingers glimmend, mijn oren nog roder.
Ik fietste naar huis in de regen en moest onderweg lachen, hardop, naar niemand. Mijn gezicht bleef rood tot ik sliep.
