Tien jaar later
Het hotel lag aan de kust bij Zandvoort, niet duur, niet romantisch in de brochurezin van het woord — gewoon een kamer met uitzicht op zee, een king-size bed, en twee dagen zonder kinderen. Sanne had de oppas geregeld, Mark had vrij genomen, en ergens tussen het inpakken van tandenborstels en het afscheid bij de voordeur hadden ze allebei gedacht: dit moet goed gaan, anders voelt het alsof we gefaald hebben.
Ze waren tweeënveertig en vierenveertig. Tien jaar getrouwd. Twee kinderen van acht en zes. Seks bestond nog, maar vaak als checklist: snel, in het donker, voordat iemand papa of mama riep vanaf de overloop. Sanne miste niet alleen orgasmes. Ze miste gekeken worden. Mark miste niet alleen haar lichaam. Hij miste haar lach tijdens het vrijen, die onbezorgde klank die ergens tussen de luiers en de schoolrapporten was zoekgeraakt.
In de auto naar Zandvoort hadden ze vooral over logistiek gepraat: of de oppas wist waar de pleisters lagen, of de kat genoeg voer had. Pas toen de zee in zicht kwam, legde Mark zijn hand op Sanne's knie. Zij legde haar hand op de zijne. Geen woorden. Alleen dat.
In de hotelkamer zette Sanne haar tas neer en keek naar het bed alsof het een examen was.
We hoeven niks, zei Mark rustig. Hij stond bij het raam, handen in zijn zakken. We mogen ook alleen slapen. Of wandelen. Of slechte films kijken. Ik ben niet hier om te presteren. Ik ben hier omdat ik jou wil zonder haast.
Sanne draaide zich om. Ik wil wel iets. Ik weet alleen niet meer hoe ik moet beginnen zonder dat het gek voelt. Alsof we acteurs zijn die onze eigen rollen vergeten zijn.
Mark kwam dichterbij. Dan beginnen we met iets dat niet gek is. Een kus. Zoals vroeger, toen we nog geen haast hadden. Toen je nog in mijn oude flat kwam en we uren deden over één avond.
Hij kuste haar. Langzaam. Zonder tong eerst, alleen lippen, adem, de bekende smaak van zijn mond. Sanne voelde iets in haar borst loslaten — niet lust meteen, maar ruimte. Ze deed haar armen om zijn nek. De kus werd dieper. Mark's handen vonden haar taille, dan haar kont, en trokken haar tegen zich aan. Ze voelde hem half hard door zijn broek en lachte tegen zijn mond.
Hallo, fluisterde ze.
Hij is er ook nog, grijnsde Mark. Hij was alleen verlegen geworden van de wasmand en de ochtendstress.
Ze kleedden elkaar uit zonder haast. Sanne's bh, Mark's shirt, haar legging, zijn riem. Toen ze naakt waren, bleven ze een moment staan en keken. Sanne's lichaam was veranderd: zachtere buik, borsten die lager hingen na twee borstvoedingen, strepen op haar heupen. Mark had grijze haren op zijn borst en een litteken op zijn knie van een oude sportblessure. Geen van beiden keek weg. Sanne streek over zijn litteken. Mark kuste een streep op haar heup alsof die bij het landschap hoorde dat hij liefhad.
Je bent zo mooi, zei Mark, en het klonk niet als plicht. Het klonk als iemand die opnieuw keek.
Ze gingen op bed liggen. Mark kuste haar hals, haar borsten, nam de tijd die thuis nooit bestond. Hij zoog zacht aan een tepel; Sanne voelde een tinteling die doorliep tot tussen haar benen. Ze streelde zijn rug, zijn bil, greep hem stevig vast toen zijn mond lager ging. Hij spreidde haar benen en likte haar — niet als opwarming voor iets anders, maar alsof hij vergeten was hoe ze smaakte en het wilde herinneren. Sanne sloot haar ogen. Haar handen vonden zijn haar. Het duurde langer dan vijf minuten. Het duurde tot ze nat was, tot ze hijgde, tot ze zijn naam zei zonder te fluisteren omdat er geen kinderen waren die wakker konden worden.
Ze kwam tegen zijn mond, met trillende dijen en een geluid dat half een lach was. Mark kroop omhoog, kuste haar, en Sanne proefde zichzelf — iets wat ze vroeger gênant had gevonden en nu juist dichtbij vond.
Ik wil je in me, zei ze.
Mark pakte een condoom uit de lade die Sanne expres had meegenomen — ze slikte de pil niet meer sinds vorig jaar — en rolde het over zichzelf. Hij ging tussen haar benen, zocht haar blik, en schoof naar binnen. Sanne zuchtte. Het was vertrouwd en nieuw tegelijk: hetzelfde lichaam, dezelfde hoek, maar aandacht die er al maanden niet was geweest. Mark bewoog diep en langzaam. Sanne wrapte haar benen om hem heen. Hun voorhoofden raakten elkaar.
Kijk me aan, vroeg ze.
Hij deed het. Terwijl hij in haar stootte, bleven hun ogen open. Sanne voelde tranen — niet van verdriet, maar van iets dat te lang was weggestopt onder boodschappenlijstjes. Mark kuste de traan weg zonder te vragen waarom. Hij wist het.
Ze wisselden van houding. Sanne ging op handen en knieën, Mark achter haar, zijn handen op haar heupen. Dieper zo. Sanne duwde achteruit tegen hem aan. Het bed kraakte. Mark boog zich over haar rug, beet zacht in haar schouder, en bereikte met zijn hand haar clitoris. Sanne kwam opnieuw, harder, met haar gezicht in het kussen. Mark volgde, met een diepe kreun, zijn vingers digitaal in haar heupen — niet hard genoeg voor blauwe plekken, wel hard genoeg om te voelen dat hij er was.
Daarna lagen ze. De zee klonk door het halfopen raam. Mark had zijn arm onder haar hoofd. Sanne tekende cirkels op zijn borst.
Ik was bang dat we het kwijt waren, gaf ze toe.
Ik ook, zei Mark. Niet de liefde. Die zat er nog. Maar dit — het kijken, het durven vragen. Dat was onder een berg sokken verdwenen. Ik miste jouw geluid. Ik miste dat je me soms stout noemde toen we nog twintigers waren.
Sanne lachte. Romantisch beeld, die sokkenberg.
Ik ben fysiotherapeut van sokkenbergen. Dat is mijn huwelijkse staat. En ik wil beter worden in mijn vak.
Ze bestelden room service: friet, twee glazen wijn, een salade die niemand echt at. Op bed, half gekleed in hotelbadjassen, praatten ze over de kinderen, over werk, over de vakantie naar Zeeland die ze nog moesten boeken. Tussendoor kuste Mark haar knie. Tussendoor legde Sanne haar voet in zijn kruis en voelde hem opnieuw reageren.
Ronde twee? vroeg ze.
Ik ben vierenveertig, geen god, zei Mark. Maar geef me twintig minuten en een beetje overmoed.
Twintig minuten later zat Sanne op hem, badjas open, en bewoog langzaam terwijl Mark haar borsten vasthield. Dit keer was het speelser, minder geladen. Ze lachten toen het condoom even bleef plakken. Ze kusten toen het weer lukte. Sanne kwam zacht, met haar handen op zijn borst; Mark kwam met zijn gezicht tegen haar keel. Daarna bleven ze zitten, nog verbonden, tot het ongemakkelijk werd en ze lachend uit elkaar gingen.
s Avonds liepen ze over de boulevard, hand in hand, alsof ze opnieuw verkering hadden. De wind was koud. Sanne droeg Mark's jas over haar schouders. In een café dronken ze warme chocolademelk en praatten over seks alsof het geen taboe meer was — over wat ze misten, over wat ze wilden proberen, over een vibrator die Sanne ooit had gekocht en die nog in de doos lag omdat ze zich ervoor schaamde hem erbij te halen.
Haal hem erbij, zei Mark. Thuis. Ik wil kijken hoe je jezelf klaarmaakt. En dan wil ik meedoen. Geen haast. Geen checklist. Gewoon wij.
Sanne voelde een tinteling in haar buik. Afgesproken. En jij mag ook zeggen wat jij mist. Niet alleen wat ik wil.
Ik mis jouw lach tijdens het vrijen, zei Mark zonder aarzeling. Die wil ik terug.
Die nacht sliepen ze naakt, ramen open, zee in hun oren. Sanne werd een keer wakker en voelde Mark's hand slapend op haar buik. Ze glimlachte in het donker. Tien jaar later was geen einde. Het was een hotelkamer, een hernieuwde blik, en het besef dat liefde soms alleen een oppas en een weekend zonder haast nodig had om opnieuw te leren branden.
Ze waren tweeënveertig en vierenveertig. Tien jaar getrouwd. Twee kinderen van acht en zes. Seks bestond nog, maar vaak als checklist: snel, in het donker, voordat iemand papa of mama riep vanaf de overloop. Sanne miste niet alleen orgasmes. Ze miste gekeken worden. Mark miste niet alleen haar lichaam. Hij miste haar lach tijdens het vrijen, die onbezorgde klank die ergens tussen de luiers en de schoolrapporten was zoekgeraakt.
In de auto naar Zandvoort hadden ze vooral over logistiek gepraat: of de oppas wist waar de pleisters lagen, of de kat genoeg voer had. Pas toen de zee in zicht kwam, legde Mark zijn hand op Sanne's knie. Zij legde haar hand op de zijne. Geen woorden. Alleen dat.
In de hotelkamer zette Sanne haar tas neer en keek naar het bed alsof het een examen was.
We hoeven niks, zei Mark rustig. Hij stond bij het raam, handen in zijn zakken. We mogen ook alleen slapen. Of wandelen. Of slechte films kijken. Ik ben niet hier om te presteren. Ik ben hier omdat ik jou wil zonder haast.
Sanne draaide zich om. Ik wil wel iets. Ik weet alleen niet meer hoe ik moet beginnen zonder dat het gek voelt. Alsof we acteurs zijn die onze eigen rollen vergeten zijn.
Mark kwam dichterbij. Dan beginnen we met iets dat niet gek is. Een kus. Zoals vroeger, toen we nog geen haast hadden. Toen je nog in mijn oude flat kwam en we uren deden over één avond.
Hij kuste haar. Langzaam. Zonder tong eerst, alleen lippen, adem, de bekende smaak van zijn mond. Sanne voelde iets in haar borst loslaten — niet lust meteen, maar ruimte. Ze deed haar armen om zijn nek. De kus werd dieper. Mark's handen vonden haar taille, dan haar kont, en trokken haar tegen zich aan. Ze voelde hem half hard door zijn broek en lachte tegen zijn mond.
Hallo, fluisterde ze.
Hij is er ook nog, grijnsde Mark. Hij was alleen verlegen geworden van de wasmand en de ochtendstress.
Ze kleedden elkaar uit zonder haast. Sanne's bh, Mark's shirt, haar legging, zijn riem. Toen ze naakt waren, bleven ze een moment staan en keken. Sanne's lichaam was veranderd: zachtere buik, borsten die lager hingen na twee borstvoedingen, strepen op haar heupen. Mark had grijze haren op zijn borst en een litteken op zijn knie van een oude sportblessure. Geen van beiden keek weg. Sanne streek over zijn litteken. Mark kuste een streep op haar heup alsof die bij het landschap hoorde dat hij liefhad.
Je bent zo mooi, zei Mark, en het klonk niet als plicht. Het klonk als iemand die opnieuw keek.
Ze gingen op bed liggen. Mark kuste haar hals, haar borsten, nam de tijd die thuis nooit bestond. Hij zoog zacht aan een tepel; Sanne voelde een tinteling die doorliep tot tussen haar benen. Ze streelde zijn rug, zijn bil, greep hem stevig vast toen zijn mond lager ging. Hij spreidde haar benen en likte haar — niet als opwarming voor iets anders, maar alsof hij vergeten was hoe ze smaakte en het wilde herinneren. Sanne sloot haar ogen. Haar handen vonden zijn haar. Het duurde langer dan vijf minuten. Het duurde tot ze nat was, tot ze hijgde, tot ze zijn naam zei zonder te fluisteren omdat er geen kinderen waren die wakker konden worden.
Ze kwam tegen zijn mond, met trillende dijen en een geluid dat half een lach was. Mark kroop omhoog, kuste haar, en Sanne proefde zichzelf — iets wat ze vroeger gênant had gevonden en nu juist dichtbij vond.
Ik wil je in me, zei ze.
Mark pakte een condoom uit de lade die Sanne expres had meegenomen — ze slikte de pil niet meer sinds vorig jaar — en rolde het over zichzelf. Hij ging tussen haar benen, zocht haar blik, en schoof naar binnen. Sanne zuchtte. Het was vertrouwd en nieuw tegelijk: hetzelfde lichaam, dezelfde hoek, maar aandacht die er al maanden niet was geweest. Mark bewoog diep en langzaam. Sanne wrapte haar benen om hem heen. Hun voorhoofden raakten elkaar.
Kijk me aan, vroeg ze.
Hij deed het. Terwijl hij in haar stootte, bleven hun ogen open. Sanne voelde tranen — niet van verdriet, maar van iets dat te lang was weggestopt onder boodschappenlijstjes. Mark kuste de traan weg zonder te vragen waarom. Hij wist het.
Ze wisselden van houding. Sanne ging op handen en knieën, Mark achter haar, zijn handen op haar heupen. Dieper zo. Sanne duwde achteruit tegen hem aan. Het bed kraakte. Mark boog zich over haar rug, beet zacht in haar schouder, en bereikte met zijn hand haar clitoris. Sanne kwam opnieuw, harder, met haar gezicht in het kussen. Mark volgde, met een diepe kreun, zijn vingers digitaal in haar heupen — niet hard genoeg voor blauwe plekken, wel hard genoeg om te voelen dat hij er was.
Daarna lagen ze. De zee klonk door het halfopen raam. Mark had zijn arm onder haar hoofd. Sanne tekende cirkels op zijn borst.
Ik was bang dat we het kwijt waren, gaf ze toe.
Ik ook, zei Mark. Niet de liefde. Die zat er nog. Maar dit — het kijken, het durven vragen. Dat was onder een berg sokken verdwenen. Ik miste jouw geluid. Ik miste dat je me soms stout noemde toen we nog twintigers waren.
Sanne lachte. Romantisch beeld, die sokkenberg.
Ik ben fysiotherapeut van sokkenbergen. Dat is mijn huwelijkse staat. En ik wil beter worden in mijn vak.
Ze bestelden room service: friet, twee glazen wijn, een salade die niemand echt at. Op bed, half gekleed in hotelbadjassen, praatten ze over de kinderen, over werk, over de vakantie naar Zeeland die ze nog moesten boeken. Tussendoor kuste Mark haar knie. Tussendoor legde Sanne haar voet in zijn kruis en voelde hem opnieuw reageren.
Ronde twee? vroeg ze.
Ik ben vierenveertig, geen god, zei Mark. Maar geef me twintig minuten en een beetje overmoed.
Twintig minuten later zat Sanne op hem, badjas open, en bewoog langzaam terwijl Mark haar borsten vasthield. Dit keer was het speelser, minder geladen. Ze lachten toen het condoom even bleef plakken. Ze kusten toen het weer lukte. Sanne kwam zacht, met haar handen op zijn borst; Mark kwam met zijn gezicht tegen haar keel. Daarna bleven ze zitten, nog verbonden, tot het ongemakkelijk werd en ze lachend uit elkaar gingen.
s Avonds liepen ze over de boulevard, hand in hand, alsof ze opnieuw verkering hadden. De wind was koud. Sanne droeg Mark's jas over haar schouders. In een café dronken ze warme chocolademelk en praatten over seks alsof het geen taboe meer was — over wat ze misten, over wat ze wilden proberen, over een vibrator die Sanne ooit had gekocht en die nog in de doos lag omdat ze zich ervoor schaamde hem erbij te halen.
Haal hem erbij, zei Mark. Thuis. Ik wil kijken hoe je jezelf klaarmaakt. En dan wil ik meedoen. Geen haast. Geen checklist. Gewoon wij.
Sanne voelde een tinteling in haar buik. Afgesproken. En jij mag ook zeggen wat jij mist. Niet alleen wat ik wil.
Ik mis jouw lach tijdens het vrijen, zei Mark zonder aarzeling. Die wil ik terug.
Die nacht sliepen ze naakt, ramen open, zee in hun oren. Sanne werd een keer wakker en voelde Mark's hand slapend op haar buik. Ze glimlachte in het donker. Tien jaar later was geen einde. Het was een hotelkamer, een hernieuwde blik, en het besef dat liefde soms alleen een oppas en een weekend zonder haast nodig had om opnieuw te leren branden.
